facebook pinterest instagram
https://www.noordermarkt-amsterdam.nl/uploads/images/fotostroke/Historie-01.jpg

Oorlogsjaren

In het laatste oorlogsjaar van 1944/45 was de winter erg streng. Het vroor dat het kraakte en er was gebrek aan alles. Kolen om de kachel te stoken (centrale verwarming had toen haast niemand) waren er niet en er heerste voedselschaarste. Door de spoorwegstaking waren er geen voedseltransporten meer. Bomen werden omgehakt, leegstaande huizen werden ontdaan van alles wat brandbaar was. Ook werd er gezocht naar kleine stukjes kolen en kolengruis. Zelfs werd het asfalt uit de straten gepeuterd omdat daar brandbare stoffen in zaten. Het zoeken naar brandstof was een tijdrovende bezigheid en na uren zoeken en zeven van het gruis was de opbrengst meestal nog niet groot.

Tijdens de oorlogsjaren werden veel Joodse kooplieden opgepakt. Hierdoor verdwenen de Nieuwmarkt en het Waterlooplein tot 1947. Het aantal marktkooplieden in Amsterdam daalde van 3600 in 1940 tot 1000 in 1944. Bovendien liepen alle markten terug in verkoop wegens gebrek aan handel. Na de bevrijding bleef de inkoop van handel lange tijd moeilijk. Op de Noordermarkt werden nog steeds 2e hands artikelen verkocht.